Onderwijsraad: combinatie dalende studentenaantallen en politieke keuzes zorgt voor risico’s
21 februari 2025
De combinatie is een risico voor krimpregio’s, zet het opleidingsaanbod onder druk en maakt in sommige gevallen ook onderwijsinstellingen als geheel kwetsbaar. De raad adviseert de minister dalende studentenaantallen, bezuinigingen en de invoering van de Wib nadrukkelijk in relatie tot elkaar te bezien.
Omdat minister Bruins stelselverantwoordelijk is voor het totale opleidingsaanbod, is het van belang dat hij zicht houdt op het totale opleidingsaanbod, daar periodiek op reflecteert, en waar nodig zorgt voor maatwerk om opleidingsaanbod te behouden.
De Onderwijsraad vindt het onwenselijk dat bij de studiekeuze voor leerlingen in het voortgezet onderwijs veel nadruk ligt op het arbeidsmarktperspectief. De keuzevrijheid van studenten om het onderwijs te kiezen dat bij hen past, is een kernelement van het Nederlandse onderwijsstelsel. De VO-raad is blij met dit standpunt.
Generieke maatregelen niet passend
Dalende studentenaantallen vereisen volgens de Onderwijsraad geen generieke ingrepen in de bekostiging en de aansturing van het mbo, hbo en wo. Generieke maatregelen zijn niet passend omdat de terugloop van studenten verschilt per onderwijssector, regio en onderwijsinstelling. De raad merkt daarbij op dat dergelijke wijzigingen in bekostiging en aansturing van het mbo, hbo en wo een doordenking vragen, die de context van de dalende studentenaantallen overstijgt. Onderwijsinstellingen zijn bovendien zelf als eerste aan zet en toegerust om het opleidingsaanbod aan te passen bij daling en stijging van studentenaantallen.
Reflecteer periodiek met oog voor arbeidsmarkt-, studenten- en maatschappelijke belangen
Beslissingen over het opleidingsaanbod vereisen een brede weging van arbeidsmarkt-, studenten- en maatschappelijke belangen. Stimulerende maatregelen zoals verlaging van het collegegeld, een baangarantie of een diplomabonus hebben geen bewezen effect.
De minister van Onderwijs is stelselverantwoordelijk voor het totale opleidingsaanbod. Daartoe is zicht nodig op het totale opleidingsaanbod en veranderingen daarin, zoals het starten, stoppen of samengaan van opleidingen. De raad adviseert om samen met de instellingen periodiek te reflecteren op het totale opleidingsaanbod en de afwegingen die daaraan ten grondslag liggen. Uitkomst van die reflectie kan zijn dat maatwerk nodig is als er onwenselijke gaten in het aanbod ontstaan, bijvoorbeeld als regionale verschraling van opleidingsaanbod dreigt of een unieke opleiding met grote maatschappelijke waarde dreigt te verdwijnen.