Staatssecretaris tegenover Kamer in wens onderbrengen devices in Wet gratis schoolboeken
Breng devices voortaan onder bij de Wet Gratis Schoolboeken. Dat was een veel gehoorde oproep van de Tweede Kamer in het Kamerdebat Leermiddelen, Digitalisering en Ondersteuning van 9 april 2026. Met name Kamerlid-Moorman (GroenLinks-PvdA) was hiervoor pleitbezorger: “Het is té belangrijk om dit te laten gebeuren en onze jeugd afhankelijk te maken van big tech in een onveilige online omgeving.”

Aanleiding voor de discussie over devices is het Rondetafelgesprek AI in het Funderend Onderwijs, waar VO-schoolbestuurder Tijmen Smit op 1 april een oproep deed tot het onderbrengen van devices in de Wet Gratis Schoolboeken. Door als school de devices in eigen beheer te hebben kunnen scholen in het voortgezet onderwijs meer regie houden over wat een leerling wel en niet kan èn voorkom je de ongelijkheid tussen leerlingen die niet altijd toegang hebben tot de duurste en beste laptops.
Andere partijen – waaronder VVD en D66 – zien de meerwaarde van het onderbrengen van devices in de Wet Gratis Schoolboeken. Tegelijkertijd zijn zij terughoudend met het verhogen van de lumpsum voor scholen voor de aanschaf en het beheer van devices. Beide partijen zijn voorstander van een budgetneutrale aanpassing. Kisteman (VVD): “Wij zijn voorstander om scholen zelf keuzes te laten maken in leermiddelen en devices – zonder daarbij de middelen te verruimen”
Als VO-raad pleiten we al jaren voor een betere bekostigingstructuur van devices – bijvoorbeeld door het onderbrengen van devices in de Wet gratis schoolboeken en een ophoging van de lumpsum. De voordelen van deze aanpak, zoals devices in eigen beheer (met voordelen op het gebied van regie en digitale veiligheid) en potentiële schaalvoordelen bij de inkoop, zijn duidelijk groter. Helaas ziet het ministerie van OCW minder problemen in de huidige bekostiging van devices: “Alle leerlingen die behoefte hebben aan een device hebben er momenteel een – ofwel door aanschaf van de ouders, ofwel door een regeling met de school of via initiatieven als stichting Leergeld en regelingen van de gemeente.” Ook kunnen scholen in de ogen van OCW al veel op het gebied van digitale veiligheid – ook bij devices die door leerlingen zelf zijn aangeschaft. Wel zegde de staatssecretaris toe om meer in gesprek te gaan met andere ministeries over samenwerking op digitale veiligheid van jongeren. De ministeries van Justitie & Veiligheid en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties houden zich ook bezig met onderwerpen als cyberveiligheid en online kinderrechten.
Meer regie op digitalisering
Ook het gebruik van AI in het funderend onderwijs kwam in het debat uitgebreid aan bod. Mede door het Rondetafelgesprek van vorige week vroegen diverse partijen om meer regie vanuit de overheid. Zo vragen onder andere D66 en JA21 om een richtlijn voor het gebruik van AI in funderend onderwijs. Ook vragen Groenlinks-Pvda en D66 om een publieke AI-infrastructuur in het funderend onderwijs, zoals nu ook al wordt opgezet in het hoger onderwijs. Dit was een van de kernpunten in het betoog van experts – waaronder VO-bestuurder Tijmen Smit, de PO-Raad, Kennisnet en SIVON - in het Rondetafelgesprek over AI in het funderend onderwijs. Op dit moment doet Kennisnet een verkenning naar het opzetten van deze publieke AI-infrastructuur. Deze wordt voor het einde van dit jaar opgeleverd. Deze publieke AI-Hub kan een bruikbare toevoeging zijn waardoor docenten en leerlingen op een veilige manier gebruik kunnen maken van bestaande AI-modellen. Zo zijn privacy en dataveiligheid beter geborgd.
Regieplan digitalisering in het funderend onderwijs
De staatssecretaris zegde toe de vraagstukken rondom AI mee te nemen in het Regieplan Digitalisering het Funderend Onderwijs. Dit nieuwe beleidsplan schrijft het ministerie van OCW samen met partners uit het veld – waaronder de VO-raad, kennispartijen als Kennisnet en SIVON en docenten. Ook onderwerpen als de afhankelijkheid van het onderwijs van big tech krijgen een plek in dit beleidsstuk. Als VO-raad pleiten voor een goede aansluiting van dit Regieplan op de behoeften die leven in het onderwijs en op een financiële onderbouwing.
Leermiddelen
In de Tweede Kamer blijven zorgen bestaan over de werking van de huidige leermiddelenmarkt. Zo pleiten meerdere partijen tegen het gebruik van wegwerpboeken, de verplichte afname van devices en vóór een betere keuzevrijheid van scholen. Tegelijkertijd was er in het debat ook aandacht voor de positieve ontwikkelingen. Zo werden de afspraken tussen MEVW, SIVON en de VO-raad, groeifondsprojecten NOLAI, Edu-V en Impuls Open Leermateriaal, de open catalogus voor het voortgezet onderwijs en de coöperatieve uitgeverij Neon meermaals genoemd. De belangrijkste ontwikkelingen zijn daarnaast de kwaliteitsalliantie – waarin afspraken worden gemaakt over hoe de kwaliteit van leermiddelen het beste gewaarborgd kunnen worden. NKO en SLO werken momenteel aan een generiek kwaliteitskader voor leermiddelen, de verwachting is dat deze in het schooljaar 2026/27 gereed is voor gebruik. Als VO-raad praten we mee in de kwaliteitsalliantie over hoe dit keurmerk zo veel mogelijk impact kan hebben op de huidige leermiddelenmarkt.
Daarnaast doet de Autoriteit Consument & Markt onderzoek naar de marktwerking op de leermiddenmarkt in het funderend onderwijs. We kijken uit naar de uitkomsten van dit onderzoek, dat voor het einde van 2026 wordt gepubliceerd. Specifiek voor het speciaal onderwijs vroeg CDA-Kamerlid Armut nog naar het aanbod van leermiddelen voor het speciaal onderwijs. Hier verwees Tielen naar het project GOpen – een samenwerking van Impuls Open Leermateriaal en de sectorraad GO – en de ambities van Neon voor het speciaal onderwijs. Verwacht wordt dat deze discussie wordt vervolgd in het Tweede Kamerdebat over Passend Onderwijs van 27 mei 2026.