Tweede Kamer stemt wetsvoorstel ‘Vrij en veilig onderwijs’ weg

Het wetsvoorstel ‘Vrij en veilig onderwijs’ is van tafel. Nadat onder meer de VO-raad en PO-Raad alsook veel Kamerleden zich al zeer kritisch toonden over dit wetsvoorstel, werd het op 30 juni weggestemd door de Tweede Kamer.

In de sector en Kamer leefden grote zorgen over de verdere toename van de regeldruk die dit wetsvoorstel met zich mee zou brengen voor scholen. Ook waren er sterke twijfels of sommige maatregelen uit het wetsvoorstel - met een focus op administreren, melden en controleren - echt zouden bijdragen aan een open en veilige schoolcultuur.

De VO-raad waardeert het dat de Tweede Kamer het wetsvoorstel grondig heeft bekeken - en daarbij de zorgen uit het onderwijs duidelijk heeft meegewogen - en is blij dat scholen zich nu niet met deze wet geconfronteerd zien. Het is niet duidelijk hoe de staatssecretaris nu verder wil met het duurzaam versterken van de sociale veiligheid in het onderwijs. De VO-raad blijft het beleid in deze nauwlettend volgen en blijft benadrukken dat de focus moet liggen op preventieve maatregelen (onder meer: investeren in het goede gesprek over gedrag en een open schoolcultuur) en de ondersteuning van scholen bij ernstige incidenten. Werkbare regelgeving en vertrouwen in scholen dienen daarnaast centraal te staan in elke nieuwe aanpak van sociale veiligheid.

Staatssecretaris Tielen had eerder op de dag gevraagd om uitstel van de stemming, omdat het wetsvoorstel recent door een aantal aangenomen amendementen ingrijpend was veranderd. Ze wilde eerst beoordelen of de aangepaste wet nog logisch in elkaar zat en daadwerkelijk zou bijdragen aan veilige scholen. De oppositie reageerde geïrriteerd: volgens hen kwam het verzoek te laat, terwijl zij eerder juist om uitstel hadden gevraagd. Er was geen meerderheid voor uitstel, waarna de Kamer het hele wetsvoorstel verwierp. Vrijwel de hele oppositie stemde tegen, alleen de coalitie en 50PLUS waren voor.

Aangenomen moties

Nadat het wetsvoorstel ‘Vrij en veilig’ was verworpen, is nog gestemd over de moties ‘Vrij en veilig’. Deze moties hebben betrekking op het (onderwerp van het) wetsvoorstel, maar staan er in principe los van. De aangenomen moties zijn zelfstandige uitspraken van de Kamer en moeten behandeld worden door het kabinet.

De volgende moties zijn aangenomen:

  • verzoekt de regering om samen met de betrokken departementen en lokale partners te komen tot een integrale, preventieve aanpak gericht op het voorkomen van geweld, intimidatie en sociale onveiligheid op school, met aandacht voor de rol van sociale media, de thuissituatie en andere factoren in de leefomgeving van leerlingen.

  • verzoekt de regering om met een samenhangende, structurele aanpak scholen te ondersteunen bij het bevorderen van de veiligheid van het onderwijspersoneel, door onder meer in te zetten op heldere handvatten voor schoolbesturen bij incidenten, versterking van de samenwerking met gemeente, politie en zorg en aandacht voor weerbaarheid, opvang en nazorg.

  • verzoekt de regering om bij de OCW-begroting met een plan te komen over op welke manier jongerenwerk in school versterkt kan worden.

  • verzoekt de regering om scholen voldoende ruimte te bieden, in tijd, middelen en curriculum, om gelijkwaardigheid te stimuleren in het kader van burgerschapsonderwijs en te zorgen dat docenten toegang krijgen tot trainingen om te leren omgaan met online haat die het klaslokaal bereikt, en de Kamer hier voor het herfstreces over te informeren.

  • verzoekt de regering in gesprek te gaan met scholen en te inventariseren wat scholen aanvullend nodig hebben om effectief op te treden bij redelijke vermoedens van wapenbezit en hen vervolgens handelingsperspectief te bieden.

  • verzoekt de regering om uiterlijk voor het einde van het jaar een plan aan de Kamer te sturen waarin wordt uitgewerkt hoe het bestaande aanbod rond suïcidepreventie goed wordt ontsloten voor scholen; verzoekt de regering tevens om na implementatie van dit plan onder scholen te inventariseren in hoeverre het aanbod voldoende toegankelijk en bruikbaar is en ook voldoende wordt gebruikt, en indien nodigaanvullende maatregelen te treffen.

  • verzoekt de regering om in samenspraak met school- en leerlingenorganisaties te borgen dat veiligheidsvoorzieningen op scholen aantoonbaar toegankelijk zijn voor alle leerlingen van de school, ongeacht ondersteunings- en communicatiebehoefte.

  • verzoekt de regering met een voorstel te komen om vertrouwenspersonen en andere betrokkenen op scholen via trainingen en/of anderszins beter instaat te stellen om signalen van misbruik of uitbuiting te herkennen, en er daarbij ook zorg voor te dragen dat scholen ook weten hoe om te gaan met die signalen en meldingen.

  • verzoekt de regering te onderzoeken hoe scholen beter kunnen worden ondersteund bij het aanpakken van structureel pestgedrag, waarbij de bescherming van het slachtoffer centraal staat.

  • verzoekt de regering in overleg en samenwerking met onderwijsinstellingen te onderzoeken hoe vaak scholieren en studenten de afgelopen twee jaar van een school of universiteit zijn gegaan als gevolg van antisemitisme, bijvoorbeeld door (desnoods anoniem) navraag te doen bij vertrekkende leerlingen en studenten, en dit de komende tijd te blijven monitoren.

  • verzoekt de regering te komen tot een gerichte aanpak van antisemitisme binnen het onderwijs.

Furaha Kensmil

Beleidsadviseur sociale veiligheid en (mentale) gezondheid

furahakensmil@vo-raad.nl